Bezem, luiwagen, stoffer, borstel, kleerborstel, schuier

 

In de inventaris van huize Thins/Vermeer worden geen bezems en stoffers genoemd, maar zij moeten wel aanwezig zijn geweest.

Bezems en stoffers werden gemaakt door een vakman, een schuyermaker.

Schoonmaken bekoort tot de belangrijkste taken en verantwoordelijkheden van elke huisvrouw; indien er voldoende geld was in het gezin, liet zij de uitvoering van dit zware werk over aan meid en wasvrouw. Woonhuis en straten werden in de Republiek opvallend schoon gehouden: "...daar word van den morgen tot den avond niets anders gedaan dan schrobben, seilen, vegen, stoffen, boenen, schuren, wassen, vryven en wat dies meer is..." (Pijzel Pronkpoppenhuis, 2000, p. 167), Afbeelding boven: stoffers uit het Dunois poppenhuis.

De reiziger Ellis Veryard noteerde in 1701: "No people in Europe are so neat in their house; the meaner sort being extremely nice in setting them out to the best advantage. The women spend the greatest part of their time in washing, rubbing and scouring, that their pots and pans are kept brighter without than within. The floors of their lower rooms are commonly chequered black and white marble [sic!] and the walls and chimneys covered with a kind of painted tiles; their upper rooms are often washed and sprinkled with sand, to hinder any moisture from staining the boards. You had almost as good spit in a Dutch woman's face as her floor, and therefore there are little [=small] pots or pans to spit in." (Lit: C. Datema, 'British Travellers in Holland during the Stuart period. Edward Browne and John Locke as tourists in the United Provinces'. Thesis, Vrije Universiteit, 1989, p. 155.)

Met de lichaams-hygiene was het minder florissant gesteld: men waste zich maar matig.

Borstels, bezems inventaris RBK 14656-275 11119 2H1

Noot : Dit voorwerp is als onderdeel van de Vermeer-inventaris op 29 februari 1676 in Delft niet opgeschreven door de klerk van notaris J. van Veen, in het huis aan de Oude Langendijk, hoek Molenpoort van de kort daarvoor overleden schilder Johannes Vermeer. Op dat moment woonde zijn vrouw Catherina daar nog met 11 kinderen en haar moeder, Maria Thins.

De publicatie van het volledige document zie A.J.J.M. van Peer, "Drie collecties..." in Oud Holland 1957, p. 98-103.

Afbeelding(en) uit Jet Pijzel-Dommisse,Het Hollandse pronkpoppenhuis, Interieur en huishouden in de 17de en 18de eeuw, Waanders, Zwolle; Rijksmuseum, Amsterdam, 2000, afb. 288, 292.

 

Research copyright door Kaldenbach. Email kalden@xs4all.nl Terug naar Welkom pagina: klik Welkom. Dank aan de web-wizard ir. Allan Kuiper voor zijn prachtige navigator.

Gelanceerd december 2002.